Waarom meedoen aan schrijfwedstrijden?

Aisha Dutrieux winnaar Baarnse literatuurprijs 2018

Heb jij al eens meegedaan aan een schrijfwedstrijd? Misschien heb je het vaak overwogen, maar nog niet aangedurfd. Er zijn inderdaad genoeg redenen te bedenken om het niet te doen. Zo is de kans dat je niet wint natuurlijk vele malen groter dan dat je wel in de prijzen valt. In die zin kun je de teleurstelling al zien aankomen. Het kost tijd; die je dus niet aan een ander schrijfproject kunt besteden. En deelname aan sommige schrijfwedstrijden kost ook nog eens geld.

En dan is er nog die jury… Die gaat iets van je werk vinden en dit in sommige gevallen ook opschrijven in een juryrapport. Wat dit gaat zijn heb je nauwelijks in de hand: wat de ene jury aanspreekt, kan de andere misschien helemáál niet bekoren. Je loopt dus het risico negatieve feedback te krijgen op je werk waar jij je niet in herkent en wat misschien zelfs onrechtvaardig voelt.

Toch zou ik het eens overwegen, als ik jou was. Meedoen aan een schrijfwedstrijd heeft namelijk ook een hoop voordelen: 

  1. Feedback: Jawel, want zoals Johan Cruyff al zei: ‘Ieder nadeel heb zijn voordeel’. De kans dat een jury je werk af zal kraken is niet zo groot. Doorgaans zitten er fijne mensen in een jury, die er niet op uit zijn om jouw zelfvertrouwen af te breken, en die bovendien (als het goed is) verstand van zaken hebben. Vaak zijn het namelijk redacteuren of ervaren schrijvers die deelnemen aan zo’n jury. Dus ja, misschien krijg je (hopelijk naast fijne complimenten) wat opbouwende kritiek, maar ook daar kun je je voordeel mee doen!
  2. Ervaring: Schrijfwedstrijden bieden je de kans om te groeien als schrijver. Je moet je immers houden aan regels, zoals bijvoorbeeld een vastgesteld thema en woordaantal. Op deze manier kun je je schrijfskills en je horizon verbreden. Daarnaast geeft het je ervaring in het omgaan met deadlines en het afleveren van een ‘af’ product.
  3. Motivatie: Het deelnemen aan schrijfwedstrijden kan een geweldige motivator zijn om regelmatig te schrijven en jezelf uit te dagen. Hou hierbij wel in de gaten dat het geen excuus wordt om je eigenlijke schrijfproject (bijvoorbeeld een roman) steeds uit te stellen. Dus als je weinig tijd hebt, denk dan wel goed na waar je je schaarse uren beter aan besteedt.
  4. Inspiratie: Schrijfwedstrijden hebben vaak een specifieke opdracht of een thema. Je mag dus niet helemaal zelf bedenken waar je over schrijft. Het is heel goed mogelijk dat je hierdoor op een idee voor een verhaal komt, dat je anders nooit bedacht zou hebben. En dat iets hiervan vervolgens als vanzelf doorsijpelt naar het grotere project dat je aan het schrijven bent of wilt gaan schrijven.
  5. Zichtbaarheid: Wanneer je deelneemt aan een schrijfwedstrijd, krijgt je werk de kans om opgemerkt te worden door een breder publiek. Vaak worden bijvoorbeeld de beste verhalen gepubliceerd op een website of in een (lokale) krant of in een tijdschrift. Dit is een mooie manier om te laten zien wat je kunt.
  6. Erkenning: Als je genomineerd wordt of zelfs in de prijzen valt, kan dit leiden tot meer erkenning en kansen voor publicatie of andere schrijfprojecten. Want echt: uitgevers en redacteuren zijn altijd op zoek naar nieuw talent. Liever dan eindeloze hoeveelheden ongevraagde manuscripten door te ploegen, houden ze de winnaars van schrijfwedstrijden in de gaten.

 

De schrijfwedstrijd die ik won

In mijn pogingen om beter te worden in schrijven én om mijn debuutroman uitgegeven te krijgen, deed ook ik mee aan schrijfwedstrijden. Begin 2018 zag ik een oproep voor de Baarnse literatuurprijs. Het onderwerp, metamorfose, deed bij mij direct een vonkje ontstaan, ik ging zitten en als vanzelf verschenen er woorden op papier. Woorden die als een van de shortlist verhalen gepubliceerd werden in de Baarnse Courant en op de website van deze prijs en die mij uiteindelijk de jury- en de publieksprijs opleverden. Lees hier mijn inzending: Narcissen >

Deze woorden zijn me zo dierbaar gebleven, dat ik in mijn debuutroman Het leven noemen, mezelf heb geplagieerd.

Mijn inzending in 2018 begon namelijk zo: 

Narcissen. Haar moeders lievelingsbloemen. Ze heeft ze geplukt in het bos, ook al mag dat eigenlijk niet, en schikt ze in de stenen vaas die op de tuintafel staat. Ze begrijpt haar moeders voorkeur wel, ze zijn mooi heldergeel, soms wat meer oranje, en kunnen stralen als de zon. Aan de andere kant zijn ze ook wel een beetje vreemd, met hun hoofd als een toeter en een puntige krans om de nek. Zorgvuldig dwingt ze de bloemen één voor één op hun plek in de vaas. De compositie moet goed zijn, haar moeder heeft een scherp oog voor zulke details. Ze verschuift het geheel wat naar de zijkant van de tafel, uit de schaduw, zodat de blaadjes het licht van de opkomende zon vangen. Ze haalt de mooie schelpen en stenen, die ze onderweg verzameld heeft, uit haar zak en legt ze in een cirkel rondom de vaas. Om en om: schelp en steen. Het puntje van haar tong piept uit haar mond. Ze verheugt zich op haar moeders blijdschap.

In mijn debuut Het leven noemen, dat bijna drie jaar later uitkwam staat het zo: 

Aan de achterkant van het huisje, in de luwte, is een klein terras. Vier simpele rieten stoelen en een tafel met een witmarmeren blad. Ik neem de verfbrem, de kruisbladgentiaan en de steenanjers die ik onderweg heb geplukt uit mijn rugtas en rangschik ze in de stenen vaas die op de tafel staat. Paars, roze, geel. Zorgvuldig dwing ik de bloemen een voor een op hun plek in de vaas. Ik verschuif het geheel wat naar de zijkant van de tafel, uit de schaduw, zodat de kleurige bloemblaadjes het licht van de ochtendzon vangen. Vervolgens haal ik de schelpen die ik vanochtend in alle vroegte heb verzameld uit mijn tas en leg ze rondom de vaas. Een bijzondere linksdraaiende fossiele schelp als blikvanger. Ik bewonder het resultaat.

Het is niet geheel hetzelfde, maar het beeld van de stenen vaas met bloemen, de schelpen eromheen, in het licht van de ochtendzon, wilde ik graag in het boek hebben, als eerbetoon aan de prijs die mij het vertrouwen gaf dat ik kon schrijven, en dat mensen mijn schrijven mooi vonden. Mooi genoeg voor een prijs in ieder geval. 

Naast de eer van het winnen, mocht ik een kunstwerk uitkiezen. Ik koos een keramieken egel. Nu, zes jaar later, staat deze egel nog altijd op de hoek van mijn schrijftafel. Voor mij begon mijn leven als ‘echte’ schrijver met het winnen van deze prijs. 

 

Interessante schrijfwedstrijden

Heb je na het lezen van dit artikel inspiratie gekregen om mee te doen aan een schrijfwedstrijd? Er zijn er best veel. Ik licht de (in mijn ogen) meest interessante voor je uit: 

  • De Editio Debutantenschrijfwedstrijd is bedoeld voor schrijvers en dichters die nog niet eerder een boek of een toneelstuk hebben gepubliceerd bij een uitgeverij. Er kan geschreven worden (maximaal 1500 woorden) in de categorieën: fictie, non-fictie, poëzie en poetry slam. Prijzen zijn onder andere manuscriptbegeleiding en twee kaarten voor het Boekenbal!
  • De Renate Dorrestein Prijs is een schrijfwedstrijd voor literaire verhalen van maximaal 7.500 woorden. De hoofdprijs bedraagt € 1000 en een plaquette. De vijf beste verhalen worden als e-book gepubliceerd en beschikbaar gesteld aan leden van de Hebban lezerscommunity.
  • De Joost Zwagerman Essayprijs is bedoeld voor schrijvers die nog geen essay in boekvorm hebben gepubliceerd. Het onderwerp is geheel vrij, het maximum aantal woorden is 3000. De prijs bedraagt € 7.500,- (en dit is een prijs die door uitgevers in de gaten wordt gehouden!).
  • De Baarnse literatuurprijs is een wedstrijd voor beginnende schrijvers. Professionele auteurs zijn uitgesloten van deelname. Inzendingen zijn maximaal 850 woorden en er wordt elk jaar gewerkt met een thema. De winnaar mag een kunstwerk uitkiezen.

Mocht je besluiten om mee te doen: Ik duim voor je!

Gratis online videocursus roman schrijven

Leer stap voor stap hoe je een roman schrijft. Laagdrempelig, overal toegankelijk en helemaal gratis.

Meer informatie

Schrijfplaats nieuwsbrief

Ik stuurĀ regelmatig een nieuwsbrief met schrijftips, nieuwtjes uit mijn schrijversleven of gewoon over dingen die me bezighouden.