Schrijfoefening: krantenbericht

schrijfoefening
Foto van een vrouw die de krant leest

Soms schrijf ik een kort verhaal naar aanleiding van een bericht in de krant, of een flard van een gesprek dat ik opvang. Het is een leuke en leerzame oefening om niet te veel over het onderwerp te gaan uitzoeken, maar je fantasie de vrije loop te laten. Probeer het eens!

 

Voorbeeld

In mei 2020 verschenen er diverse berichten over een man die zijn overleden vrouw per fiets naar het crematorium bracht: ‘Onze laatste rit samen’. Onderstaand stukje gaat niet zozeer over deze man en zijn vrouw. Het is het uitvloeisel van een kort berichtje in de krant en mijn eigen verbeelding.

Zij ging dood aan iets anders.

Je had tegenwoordig de Corona-doden en zij die stierven aan iets anders. Zijn vrouw behoorde tot de laatste categorie.

Het waren niet zozeer hun gesprekken die hij miste – zoveel was er na zestig jaar niet meer te bespreken – maar het was de ruimte die zij innam. Op de bank, aan de eettafel, in hun bed. Nu restte enkel nog een oneindige leegte.

Lang geleden al hadden ze een timmerman kisten op maat laten maken. Ze hadden geen kinderen, ze hadden eigenlijk niemand, dus wie moest dat anders allemaal regelen, als het ooit zover zou zijn? Nu was het zover. Hij nam de kleinste kist uit de schuur en plaatste hem op de fietsaanhanger. Zij woog niet veel meer, toch kostte het hem moeite haar in de kist te leggen. Hij deed het voorzichtig, wilde haar geen pijn doen, al realiseerde hij zich heus wel dat hiervan geen sprake meer kon zijn. Hij kuste haar voorhoofd en sloot de kist. Haar ijsblauwe ogen, haar ondeugende glimlach, hij zou ze nooit meer terugzien.

Het trappen viel niet mee. De fiets had geen versnellingen, maar waarom zou hij ook eigenlijk versnellen? Het onvermijdelijke had zich al voltrokken. De race die het leven heette had hij al verloren. In de hoop dat hij de enige levende ziel zou zijn, nam hij het bospad. Dit afscheid betrof hen beiden, niemand anders.

Verderop liepen twee politieagenten met hun fietsen aan de hand. Hij kon nu niet meer keren, hij kon eigenlijk sowieso niet keren met dat gevaarte achter zich aan. Gestaag trapte hij door, zijn gezicht naar beneden gericht. De agenten kwamen dichterbij, ze leken hem te besluipen. Even dacht hij dat hij het ging redden, toen klonk er een stem. ‘Wilt u afstappen, meneer?’

Hij werd gearresteerd. Zijn leven lang had hij zich aan de regels gehouden, nu vond men de dood van zijn vrouw verdacht. De kist werd in beslag genomen, het lichaam aan onderzoek onderworpen. Zijn smeekbedes – ‘Ik wil enkel maar mijn vrouw begraven!’ – genegeerd. Hij ging in hongerstaking. Gedurende drie lange etmalen at en dronk hij niets. Zijn holle ogen en ingevallen wangen boden een glimp van de nabije toekomst.

Uiteindelijk kreeg hij zijn zin. Het lichaam van zijn vrouw werd uit een koelcel gehaald en terug in de kist gelegd. Twee politieagenten tilden de kist op de fietsaanhanger en gaven hem een duwtje in de goede richting. Hij draaide zich om en wuifde, waarna hij zijn weg vervolgde.

 

 

Of je nu net je pen ontdekt hebt of al jaren woorden schaaft, Schrijfplaats heeft tips en cursussen voor jou!

Cursussen

De nieuwsbrief over schrijven

Schrijf je hier in voor regelmatige tips en adviezen.